Vorig jaar deed zich bij het snelgroeiende internetuitgever Olie Media uit Groningen een klassiek probleem voor: het bedrijf groeide zo snel dat directeur Menno Oomkens niet langer in zijn eentje de medewerkers kon aansturen. Maarten Borger, die al van meet af aan bij Olie Media betrokken is, werd hierop aangesteld als operationeel manager. Sindsdien spreken ze elkaar meer dan hun vriendinnen.

TEAMPLAYER
-Menno Oomkens en Maarten Borger van Olie Media

Fotografie: Jan Buwalda

Voor een bedrijf dat zich in nog geen vier jaar tijd zowel regionaal als landelijk op de kaart wist te zetten en het aantal medewerkers zag groeien van drie naar dertien zou je misschien een gelikt en tot in de puntjes gestyled kantoor verwachten. En eenmaal voor de deur wordt dat vermoeden alleen maar bevestigd. Olie Media huurt kantoorruimte in een monumentaal en statig herenhuis in het Zuiderpark, dat dienst doet als bedrijfsverzamelpand. Marmer op de vloeren, kroonluchters en brede bordestrappen leiden je vervolgens naar de zolder van het pand. De zolder die verre van gelikt is en waar Olie Media vier kamers huurt.

‘Een grand tour is overbodig, lijkt me’, lacht directeur Menno Oomkens nog vanachter zijn bureau. En toch gunt hij even een snelle blik in de vier ruimtes, waar dertien jonge honden geestdriftig achter hun computer zitten te werken. Oomkens en zijn rechterhand Maarten Borger delen samen een kamer. Vloerbedekking op de grond, twee bureaus tegen elkaar aan en in het midden van de ruimte een grote vergadertafel. Achter een van de bureaus hangen geprinte baby- en kinderfoto’s, even verderop siert een poster van ‘St Tropez Beach House’ de muren. ‘Jonge internetbedrijfjes hóren op een zolderkamertje te zitten’, grijnst Oomkens, terwijl hij een Nespresso maakt.

Als ‘een in onszelf gekeerd internetbedrijf’ of ‘internetmarktkoopman’, omschrijft Oomkens Olie Media in een notendop. Dan: ‘Waar het eigenlijk op neerkomt is dat we in namens derden tegen stuntprijzen goederen en diensten aanbieden.’ Dat gebeurt op sites die Olie Media zelf of mede exploiteert, zoals korting.nl, gratis.nl en groepsveiling.nl. De sites zijn op zo’n manier ingericht dat ze bezoekers moeten verleiden tot een aankoop. Daarbij gaat het om lokkende en aansprekende teksten, maar ook om de vormgeving. ‘Het gaat er niet om of zo’n site mooi is. De klant moet makkelijk kunnen vinden wat hij zoekt en vervolgens verleid worden tot aanschaf.’ Oomkens staat op om zijn laptop erbij te halen. ‘Kijk’, wijst hij op de site korting.nl, ‘bovenin staan de aanbiedingen die de impulsieve koper moeten verleiden en scroll je meer naar beneden dan vind je daar kortingsacties geselecteerd naar onderwerp. Voor de gerichte koper dus.’

Olie Media werd in 2008 opgericht door Oomkens samen met investeringsmaatschappij Investion. Menno Oomkens zei daarvoor Buyways, waarvan hij aandeelhouder was, vaarwel.

Hij vroeg twee collega’s of ze met hem het avontuur wilden aangaan: Maarten Borger en Tjeerd van der Veen. Borger greep de kans met beide handen aan. ‘Ik liep daar op dat moment stage en werkte er al twee jaar part-time. Mijn afstudeeronderzoek richtte zich op Olie Media. Omdat ik er dus van meet af aan bij betrokken was, heb ik geen moment getwijfeld.’

En zo begonnen de drie, toen nog op twee kamers, met Olie Media. ‘We hebben ons letterlijk opgesloten in een zolderkamertje met als doel geld te verdienen op de kortingsmarkt’, aldus Oomkens. Dat Olie Media juist ten tijde van de crisis het levenslicht zag, werkte alleen maar in het voordeel. ‘Juist als het economisch minder gaat, gaan consumenten op zoek naar koopjes. Inherent daaraan zijn sites waar al die kortingen overzichtelijk terug te vinden zijn al gauw een succes.’

Olie Media had dus de wind in de zeilen. De orderportefeuille groeide, maar daarmee ook het aantal medewerkers. ‘Toen we in 2008 begonnen waren de lijntjes heel kort’, vertelt Borger. ‘We waren maar met z’n drieën dus we konden elkaar snel even aanschieten.’ Er hoefde bovendien niet echt gemanaged te worden, dus Oomkens had alle tijd en ruimte om zich te richten op het binnenhalen van nieuwe opdrachten en klanten.

Tot vorig jaar. ‘Toen diende zich het klassieke probleem aan waar veel bedrijven, die in korte tijd snel groeien, mee kampen: een organisatie die eigenlijk te groot is voor één directeur’, schetst Oomkens de toenmalige situatie. In nauw overleg met het team werd daarop besloten Borger aan te stellen als Operationeel Manager.

De taakverdeling tussen de twee is helder. Oomkens is de commerciële man, de man van de handel die veel op pad is; Borger daarentegen is er voor de aansturing van het team en voor het beantwoorden van vragen en het helpen bij problemen. ‘Ook heb ik maandelijks een gesprek met alle medewerkers over hun persoonlijke en de organisatorische doelstellingen’, voegt Borger toe. Lachend naar zijn buurman: ‘Bovendien ben ik net wat meer van de inhoud en kennis dan Menno.’ ‘Door mijn ervaring en opleiding weet ik van elk vakgebied wel wat af en kan ik dus ook makkelijker uiteenlopende vragen beantwoorden.’

De gemiddelde leeftijd van de medewerkers van Olie Media ligt rond de 26 jaar. ‘Eigenlijk lager hoor. Menno haalt het gemiddelde flink omhoog’, grijnst Borger naar zijn oudere buurman. Het lijkt typerend voor de sfeer bij het bedrijf. Borger: ‘De sfeer is hier supergoed. Gezellig en relaxt zelfs.’ Hij wordt aangevuld door een medewerker aan de andere kant van de kamer. ‘Met vooral héél veel flauwe grappen.’

Die relaxte en soms zelfs gezellige sfeer sluit niet dat de lat hoog ligt, er kei- en keihard gewerkt wordt en er alles aan wordt gedaan om omzetdoelen te halen en het kennisniveau op peil te houden. ‘Eens in de twee maanden hebben we een kennissessie waarbij iemand uit het team met een bepaald discipline een uur lang over zijn of haar werk vertelt. Daarna eten we een hapje om vervolgens de avond af te sluiten met een case’, vertelt Borger. ‘Op deze manier blijven we ons ontwikkelen, maar weten we ook goed van elkaar waar we precies mee bezig zijn.’ ‘Mede door die kennissessies ligt het kennisniveau hier ongekend hoog’, vult Oomkens aan. ‘Zo hoog als het maar kan, eigenlijk. Voor de meeste functies hier, zoals zoekmachine- of emailmarketeer, bestaat zelfs geen opleiding.’

De medewerkers zijn stuk voor stuk jonge honden, gretig op zoek naar kennis en voor wie het verdienen van geld geen doel op zich is, zegt Oomkens. ‘Er lopen hier alleen maar mensen rond van de generatie Y; ze weten precies wat ze willen’, vult Borger aan, die het onzin vindt dat hij met zijn 26 jaar te jong zou zijn voor een leidinggevende functie. ‘Er is geen strikte hierarchie. Het stellen van kaders en grenzen en goed luisteren is over het algemeen voldoende.’

Ze delen een werkkamer, zien elkaar dagelijks en spreken elkaar volgens eigen zeggen meer dan hun eigen vriendinnen. Gaat dat wel altijd goed? ‘Eigenlijk is er sprake van een permanent spanningsveld tussen ons: een nieuw project kan mij niet snel genoeg van start gaan, maar Maarten moet op zijn beurt natuurlijk zorgen dat dat organisatorisch kan.’ Ergernissen zijn er dus best wel eens, geeft hij toe. ‘Maar vuurwerk, nee dat niet. De glazen vligen hier nooit door de kamer, als je dat wilt horen’, lacht Oomkens. Om na een korte stilte toe te voegen: ‘Ik zou ons niet omschrijven als een twee-eenheid, maar de samenwerking verloopt organisch.’Grijnzend naar Borger: ‘Dat klinkt wel mooi toch?’